Toelichting bij COM(2025)107 - Schorsing van bepaalde delen van Verordening (EU) 2015/478 wat betreft de invoer van Oekraïense producten in de EU

Dit is een beperkte versie

U kijkt naar een beperkte versie van dit dossier in de EU Monitor.

1. ACHTERGROND VAN HET VOORSTEL

Motivering en doel van het voorstel

De niet-uitgelokte en ongerechtvaardigde grootschalige Russische invasie van Oekraïne die op 24 februari 2022 begon, heeft ernstige negatieve gevolgen gehad voor het vermogen van Oekraïne om handel te drijven met de rest van de wereld. In deze moeilijke context heeft de Europese Raad in zijn conclusies van 27 oktober 2023 en 15 december 2023 (die op 19 december 2024 opnieuw zijn bevestigd) onderstreept Oekraïne krachtige politieke en economische steun te blijven verlenen zolang als dat nodig is.

Oekraïne heeft de Unie verzocht het Oekraïne zo eenvoudig mogelijk te maken zijn handelspositie ten opzichte van de rest van de wereld te handhaven en zijn handelsbetrekkingen met de Unie verder te verdiepen. Tot de daartoe getroffen maatregelen behoorden de liberalisering van de markttoegang voor de Oekraïense uitvoer door middel van Verordening (EU) 2022/870 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 20221 en Verordening (EU) 2023/1077 van het Europees Parlement en de Raad van 31 mei 20232 inzake tijdelijke handelsliberaliseringsmaatregelen bovenop de handelsconcessies die op Oekraïense producten van toepassing zijn krachtens de Associatieovereenkomst EU-Oekraïne. Verordening (EU) 2024/1392 is in werking getreden op 6 juni 2024 en blijft van kracht tot en met 5 juni 20253. Die maatregelen hebben de flexibiliteit en zekerheid voor de Oekraïense producenten vergroot.

Hoewel de oorlog ertoe heeft geleid dat veel productiefaciliteiten zijn vernield of bezet, is Oekraïne nog steeds een belangrijke exporteur van ijzer en staal. Daarom blijft het noodzakelijk de schorsing van Verordening (EU) 2015/478 betreffende de gemeenschappelijke regeling voor de invoer4 te handhaven. Die schorsing is en blijft de rechtsgrondslag voor de schorsing van de huidige vrijwaringsmaatregel van de Unie ten aanzien van staalproducten (ten aanzien van de invoer van die producten uit Oekraïne) als onderdeel van de steun van de Unie.

Daarvoor moeten de artikelen 2, 4 tot en met 7, 9 tot en met 17 en 19 tot en met 21 van Verordening (EU) 2015/478 betreffende een gemeenschappelijke regeling worden geschorst wat de invoer uit Oekraïne betreft.

Gezien deze noodzaak om Oekraïne economisch te blijven steunen, stelt de Commissie een verordening van het Europees Parlement en de Raad voor om de toepassing van de artikelen 2, 4 tot en met 7, 9 tot en met 17 en 19 tot en met 21 van Verordening (EU) 2015/478 betreffende de gemeenschappelijke regeling voor de invoer met betrekking tot de invoer van oorsprong uit Oekraïne te schorsen.

Verenigbaarheid met bestaande bepalingen op het beleidsterrein

De schorsing van Verordening (EU) 2015/478 betreffende de gemeenschappelijke regeling voor de invoer zou stroken met de krachtige steun van de EU voor Oekraïne door middel van internationale handel in de context van de aanvalsoorlog van Rusland tegen Oekraïne.

Verenigbaarheid met andere beleidsterreinen van de Unie

De Unie heeft de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne krachtig veroordeeld en heeft ongekende stappen ondernomen om Oekraïne in deze uitzonderlijke context te steunen. Die stappen omvatten financiële bijstand (met inbegrip van macrofinanciële bijstand voor noodmaatregelen en wederopbouw), de levering van militair materieel, de vaststelling van uitgebreide sancties tegen Rusland en Belarus, en de intensivering van de samenwerking in het kader van de Associatieovereenkomst. Daarnaast kreeg Oekraïne in juni 2022 de status van kandidaat-lidstaat van de EU en werden in december 2023 toetredingsonderhandelingen geopend.

De voorgestelde verordening zou derhalve voldoen aan en gevolg geven aan de verplichting van de Unie uit hoofde van artikel 21, lid 3, van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU) om toe te zien op de samenhang tussen de diverse onderdelen van haar externe optreden. Zij zou ook voldoen aan artikel 207, lid 1, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU), volgens hetwelk de gemeenschappelijke handelspolitiek moet worden gevoerd in het kader van de beginselen en doelstellingen van het externe optreden van de Unie.

2. RECHTSGRONDSLAG, SUBSIDIARITEIT EN EVENREDIGHEID

Rechtsgrondslag

De rechtsgrondslag van dit voorstel is artikel 207, lid 2, VWEU.

Subsidiariteit (bij niet-exclusieve bevoegdheid)

Het subsidiariteitsbeginsel is niet van toepassing omdat de gemeenschappelijke handelspolitiek krachtens artikel 3, lid 1, punt e), VWEU een exclusieve bevoegdheid van de Unie is.

Evenredigheid

Dit voorstel is noodzakelijk voor de verwezenlijking van de doelstelling om Oekraïne in zijn huidige moeilijkheden economisch te ondersteunen, mede op het gebied van handel met de Unie.

Keuze van het instrument

Dit voorstel strookt met artikel 207, lid 2, VWEU, dat voorziet in maatregelen betreffende de gemeenschappelijke handelspolitiek.

3. EVALUATIE, RAADPLEGING VAN BELANGHEBBENDEN EN EFFECTBEOORDELING

Evaluatie van bestaande wetgeving en controle van de resultaatgerichtheid ervan

Niet van toepassing.

Raadpleging van belanghebbenden

Niet van toepassing.

Bijeenbrengen en gebruik van expertise

Niet van toepassing.

Effectbeoordeling

Om ervoor te zorgen dat de handelsliberaliseringsmaatregelen voor Oekraïne na het verstrijken van Verordening (EU) 2024/1392 op 5 juni 2025 worden voortgezet, is het noodzakelijk dat de voorgestelde verordening op 6 juni 2025 in werking treedt. Wegens deze dringende noodzaak was er onvoldoende tijd om een effectbeoordeling uit te voeren. Met betrekking tot de bepalingen van de Associatieovereenkomst inzake handel en daarmee verband houdende aangelegenheden is echter een duurzaamheidseffectbeoordeling verricht waartoe Directoraat-generaal Handel van de Commissie in 2007 opdracht heeft gegeven en die is meegenomen in het onderhandelingsproces over de diepe en brede vrijhandelsruimte. Uit die beoordeling is gebleken dat de uitvoering van bepalingen inzake handel en daarmee verband houdende aangelegenheden voor zowel de EU als Oekraïne een positief economisch effect zou hebben.

Resultaatgerichtheid en vereenvoudiging

De maatregel leidt niet tot meer administratieve lasten voor bedrijven.

Grondrechten

Deze maatregelen respecteren dezelfde grondbeginselen als de in de Associatieovereenkomst tussen de EU en Oekraïne opgenomen grondbeginselen. Artikel 2 van de Associatieovereenkomst met Oekraïne bepaalt met name dat de essentiële onderdelen van die overeenkomst worden gevormd door i) de eerbiediging van de democratische beginselen, de mensenrechten en de fundamentele vrijheden, en ii) het respect voor de rechtsstaat.

De handelsliberaliseringsmaatregelen zouden om drie redenen ook stroken met het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Ten eerste hebben zij als rechtstreeks gevolg dat de invoer uit Oekraïne aan minder beperkingen kan worden onderworpen dan het geval zou zijn indien op de invoer uit Oekraïne toezicht en vrijwaringsmaatregelen werden toegepast. Ten tweede zou de Unie daardoor niet tekortschieten in haar verplichting om de grondrechten uit hoofde van het Handvest te beschermen, omdat de bescherming van de betrokken grondrechten (indien nodig) op andere wijze mogelijk blijft; Ten derde, wat betreft de ongelijke behandeling van importeurs of gebruikers van producten van oorsprong uit Oekraïne (ten opzichte van importeurs of gebruikers van producten van oorsprong uit andere derde landen die niet van toezicht en vrijwaringsmaatregelen zijn vrijgesteld), bestaat een ongelijke behandeling in andere gevallen waarin bilaterale handelsovereenkomsten van de Unie invoer vrijstellen van vrijwaringsmaatregelen en is dit een legitieme uitoefening (inclusief het gebruik van de juiste rechtsgrondslag) van het gemeenschappelijk handelsbeleid van de Unie met het oog op nauwere economische integratie.

4. GEVOLGEN VOOR DE BEGROTING

Niet van toepassing.

5. OVERIGE ELEMENTEN

Uitvoeringsplanning en regelingen betreffende controle, evaluatie en rapportage

Niet van toepassing.

Toelichtende stukken (bij richtlijnen)

Niet van toepassing.

Artikelsgewijze toelichting

Gezien de economische situatie in Oekraïne heeft deze voorgestelde verordening tot doel de voorwaarden voor markttoegang voor invoer uit Oekraïne te beschermen door een aantal bepalingen inzake toezicht en vrijwaringsmaatregelen in Verordening (EU) 2015/478 betreffende de gemeenschappelijke regeling voor de invoer te schorsen.