Toelichting bij COM(2025)1 - Globaliseringsfonds aanvraag EGF/2024/003 BE/Van Hool van België

Dit is een beperkte versie

U kijkt naar een beperkte versie van dit dossier in de EU Monitor.

ACHTERGROND VAN HET VOORSTEL

1. De regels die van toepassing zijn op de financiële bijdragen uit het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering voor ontslagen werknemers (EFG) zijn vastgesteld in Verordening (EU) 2021/691 van het Europees Parlement en de Raad van 28 april 2021 betreffende het Europees Fonds voor aanpassing aan de globalisering voor ontslagen werknemers (EFG) en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 1309/20131.

2. Op 29 oktober 2024 heeft België aanvraag EGF/2024/003 BE/Van Hool ingediend voor een financiële bijdrage uit het EFG naar aanleiding van ontslagen bij Van Hool NV in België.

3. Na de aanvraag te hebben beoordeeld, heeft de Commissie overeenkomstig alle toepasselijke bepalingen van Verordening (EU) 2021/691 geconcludeerd dat aan de voorwaarden voor het toekennen van een financiële bijdrage uit het EFG is voldaan.

1.

Samenvatting


VAN DE AANVRAAG


EFG-aanvraagEGF/2024/003 BE/Van Hool
LidstaatBelgië
Betroffen regio(’s) (NUTS-niveau 22)Provincie Antwerpen (BE21)
Datum van de indiening van de aanvraag29 oktober 2024
Datum van de bevestiging van de ontvangst van de aanvraag29 oktober 2024
Datum van het verzoek om aanvullende gegevens17 december 2024
Uiterste datum voor het verstrekken van de aanvullende gegevens9 januari 2025
Uiterste datum voor de voltooiing van de beoordeling3 april 2025
Criterium voor steunverleningArtikel 4, lid 2, punt a), van Verordening (EU) 2021/691
Primaire ondernemingVan Hool
Aantal betrokken ondernemingen1
Economische sector(en)
(NACE Rev. 2-afdeling)3
Afdeling 29 (Vervaardiging van auto’s, aanhangwagens en opleggers)
Referentieperiode (vier maanden):8 april 2024 – 8 augustus 2024
Aantal ontslagen tijdens de referentieperiode (a)2 411
Aantal ontslagen vóór of na de referentieperiode (b)0
Totaal aantal ontslagen (a + b)2 411
Totaal aantal in aanmerking komende begunstigden2 411
Totaal aantal beoogde begunstigden2 397
Begroting voor gepersonaliseerde steunmaatregelen (EUR)9 034 607
Begroting voor de uitvoering van het EFG4 (EUR)376 000
Totale begroting (EUR)9 410 607
EFG-bijdrage (85 %) (EUR)7 999 015

BEOORDELING VAN DE AANVRAAG

Procedure

4. België heeft aanvraag EGF/2024/003 BE/Van Hool ingediend op 29 oktober 2024, binnen twaalf weken na de datum waarop aan de in artikel 4, lid 2, punt a), van Verordening (EU) 2021/691 vermelde criteria voor steunverlening was voldaan. Nog dezelfde dag heeft de Commissie de ontvangst van de aanvraag bevestigd. De Commissie beschikte over de vertaling van de aanvraag op 3 december 2024 en heeft België op 17 december 2024 om aanvullende gegevens verzocht. Deze aanvullende gegevens werden verstrekt na een verlenging van de termijn met tien werkdagen op het naar behoren gemotiveerde verzoek van België. De termijn van vijftig werkdagen te rekenen vanaf de datum van ontvangst van de volledige aanvraag, binnen welke de Commissie moet beoordelen of de aanvraag voldoet aan de voorwaarden voor het verlenen van een financiële bijdrage, loopt af op 3 april 2025.

Subsidiabiliteit van de aanvraag

Betrokken ondernemingen en begunstigden

5. De aanvraag heeft betrekking op 2 411 ontslagen werknemers wier werkzaamheden bij Van Hool NV zijn beëindigd. De onderneming was actief in de economische sector die is ingedeeld in NACE Rev. 2-afdeling 29, “Vervaardiging van auto’s, aanhangwagens en opleggers”. De ontslagen bij Van Hool zijn gevallen in de NUTS 2-regio Provincie Antwerpen (BE21).

Criteria voor steunverlening

6. België heeft de aanvraag ingediend op grond van de criteria voor steunverlening van artikel 4, lid 2, punt a), van Verordening (EU) 2021/691, dat vereist dat binnen een referentieperiode van vier maanden in een onderneming in een lidstaat de werkzaamheden van ten minste 200 ontslagen werknemers of zelfstandigen zijn beëindigd, met inbegrip van werknemers die zijn ontslagen bij leveranciers en downstreamproducenten.

7. De referentieperiode van vier maanden voor de aanvraag loopt van 8 april 2024 tot en met 8 augustus 2024.

8. Tijdens de referentieperiode werden bij Van Hool 2 411 werknemers ontslagen.

Berekening van de ontslagen en beëindigingen van werkzaamheden

9. Overeenkomstig artikel 6, eerste alinea, punt a), gelezen in samenhang met artikel 5, eerste alinea, punt c), van Verordening (EU) 2021/691 is het aantal beëindigingen van de werkzaamheden van de ontslagen werknemers tijdens de referentieperiode berekend vanaf de datum waarop de arbeidsovereenkomst feitelijk werd beëindigd of afliep.

In aanmerking komende begunstigden

10. In totaal komen 2 411 werknemers in aanmerking.

Beschrijving van de gebeurtenissen die tot de ontslagen en de beëindiging van de werkzaamheden hebben geleid

11. De ontslagen bij Van Hool houden verband met verscheidene factoren, zoals de impact van de COVID-19-pandemie op de vraag naar touringcars en de impact van de oorlog in Oekraïne op de kostenstructuur.

12. Tussen 2012 en 2019 verkocht Van Hool in Europa gemiddeld 427 eenheden per jaar. De verkoop daalde tot 287 eenheden in 2020 en verder tot 128 in 20215 door de impact van de pandemie op de vraag naar touringcars. De winst daalde bijgevolg sterk. De stijgende inflatie en verstoorde toeleveringsketens hebben de druk op de marges van de onderneming verder doen toenemen. De verkoop herstelde zich in 2022 en 2023, maar bleef dicht bij of onder het niveau van 2020. De verkoopniveaus van vóór de pandemie zijn nooit hersteld.

13. Van Hool is op 8 april 2024 door de ondernemingsrechtbank van Mechelen failliet verklaard. Als gevolg daarvan werden 2 411 werknemers ontslagen.

Verwachte effect van de ontslagen op de lokale, regionale of nationale economie en werkgelegenheid

14. Volgens het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) draait de Belgische industrie momenteel op een laag pitje. In de eerste helft van 2024 verloor de industrie al meer dan 5 000 banen door herstructureringen en faillissementen bij ondernemingen zoals Decathlon, Pfizer, Barry Callebaut, Audi en Sappi.

15. De industrie heeft van oudsher een belangrijke rol gespeeld in Lier (administratief arrondissement Mechelen in de regio Provincie Antwerpen) en daarom heeft de industriële achteruitgang een aanzienlijke invloed op de arbeidsmarkt van Lier. In 2020 was ruim 25 % van de arbeidsplaatsen in Lier verbonden aan de industrie. Drie jaar later, in 2023, was dit percentage met meer dan drie procentpunten gedaald. Deze neerwaartse trend wordt bevestigd door een daling van het aantal aan de Vlaamse diensten voor arbeidsvoorziening (VDAB6) met betrekking tot Lier gemelde vacatures. In 2023 daalden de vacatures in de industriële en de niet-industriële sectoren met respectievelijk 13 % en 14 % ten opzichte van 2022.

16. De meeste voormalige werknemers van Van Hool wonen in Lier en de omliggende gemeenten. De sluiting van de onderneming heeft geleid tot een aanzienlijke verstoring van de lokale arbeidsmarkt. Volgens de VDAB steeg de werkloosheid in april 2024 — de maand waarin Van Hool het faillissement aanvroeg — met 32 % in Berlaar, 23 % in Heist-op-den-Berg, 17 % in Nijlen en 14 % in Lier, waardoor in Lier en Berlaar een op de tien inwoners op beroepsactieve leeftijd werkloos was.

17. Terwijl technisch geschoolde werknemers in de regio relatief snel weer aan het werk gaan, hebben laaggeschoolde en oudere werknemers aanzienlijk minder kansen om opnieuw tot de arbeidsmarkt toe te treden. Deze kwetsbare groepen werden het hardst getroffen door de ontslagen bij Van Hool. Eén op de drie ontslagen werknemers is ouder dan vijftig jaar en acht op de tien werknemers hebben middelbaar onderwijs of minder gevolgd en beschikken over achterhaalde vaardigheden. Er is gerichte bijstand nodig waarbij de nadruk ligt op bij- en omscholing om de kansen van werknemers om weer aan het werk gaan, te vergroten.

Toepassing van het EU-kwaliteitskader voor anticipatie op veranderingen en herstructurering

18. België heeft beschreven hoe rekening is gehouden met de aanbevelingen in het EU-kwaliteitskader voor anticipatie op veranderingen en herstructurering.

19. België heeft gemeld dat de nationale arbeidswetgeving7 inzake het activerend beleid bij herstructureringen vereist dat ondernemingen die een herstructurering ondergaan, een tewerkstellingscel oprichten, die tot doel heeft werknemers die in het kader van collectief ontslag zijn ontslagen, binnen een periode van drie maanden dertig uur outplacementdiensten te bieden (zestig uur in zes maanden voor werknemers van 45 jaar en ouder). Dit vereiste geldt echter niet in geval van faillissement.

20. Wat de activiteiten betreft die zijn ondernomen om de ontslagen werknemers bij te staan, heeft België gemeld dat de eerste maatregelen om de werknemers te ondersteunen (informatiesessies en inschrijfmomenten) op 22 april 2024 zijn begonnen, d.i. twee weken na het faillissement. Kort daarna werden outplacementdiensten en een jobbeurs8 georganiseerd.

Complementariteit met acties die door nationale of EU-fondsen worden gefinancierd

21. België heeft bevestigd dat de hieronder beschreven maatregelen die een financiële bijdrage uit het EFG ontvangen, niet ook financiële steun van andere financiële instrumenten van de Unie zullen ontvangen.

22. Het gecoördineerde pakket gepersonaliseerde steunmaatregelen vormt een aanvulling op maatregelen die uit andere nationale of EU-fondsen worden gefinancierd.

Procedures voor overleg met de beoogde begunstigden, hun vertegenwoordigers, de sociale partners of plaatselijke en regionale autoriteiten

23. België heeft laten weten dat het gecoördineerde pakket van gepersonaliseerde steunmaatregelen werd opgesteld in overleg met de beoogde begunstigden, hun vertegenwoordigers en de sociale partners overeenkomstig artikel 7, lid 4, van Verordening (EU) 2021/691.

24. Met de bedoeling om een solide pakket op maat gesneden maatregelen samen te stellen om de voormalige werknemers van Van Hool opnieuw aan een baan te helpen, zijn de werknemersvertegenwoordigers van het ABVV9, het ABVV Metaal, het ACV10 en de ACLVB11 geraadpleegd tijdens vergaderingen van 29 maart en 5 april 2024.

Beoogde begunstigden en voorgestelde maatregelen

Beoogde begunstigden

25. Naar verwachting zullen 2 397 ontslagen werknemers aan de maatregelen deelnemen. Overeenkomstig artikel 8, lid 7, punt f), van Verordening (EU) 2021/691 is de uitsplitsing van deze werknemers naar geslacht, leeftijdscategorie en onderwijsniveau als volgt:

CategorieAantal

2.

beoogde begunstigden

Geslacht:Mannen:2 145(89,5 %)
Vrouwen:252(10,5 %)
Non-binair:0(0,0 %)
Leeftijdscategorie:Jonger dan 30 jaar:159(6,6 %)
30-54 jaar:1 354(56,5 %)
Ouder dan 54 jaar:884(36,9 %)
Onderwijsniveau12Lager middelbaar onderwijs of minder13568(23,7 %)
Hoger middelbaar14 of postsecundair onderwijs151 483(61,9 %)
Tertiair onderwijs16346(14,4 %)

Voorgestelde maatregelen

26. Overeenkomstig artikel 8, lid 7, punt h), van Verordening (EU) 2021/691 bestaat het gepersonaliseerde gecoördineerde pakket dat aan ontslagen werknemers moet worden verstrekt uit de volgende maatregelen:

- Sociale interventieadviseur (SIA) en inschrijving van werknemers: informatiesessies waarin sociale interventieadviseurs werknemers informeren over de steun die beschikbaar is om hun overgang naar een nieuwe baan te vergemakkelijken, en de inschrijving van werknemers zijn de eerste diensten die aan alle ontslagen werknemers worden aangeboden.

- Outplacement: in België vormen de door het EFG medegefinancierde gepersonaliseerde pakketten maatregelen een aanvulling op de in punt 19 beschreven wettelijke verplichting voor werkgevers. Aangezien de ontslagen echter het gevolg waren van het faillissement van de onderneming, ontvangen voormalige werknemers van Van Hool dergelijke diensten niet. In het kader van de outplacementmaatregel zal alle ontslagen werknemers, ongeacht hun leeftijd, zestig uur outplacementdiensten worden geboden. De diensten omvatten administratieve en psychologische ondersteuning, persoonlijke evaluatiesessies (wat kan ik doen, wat wil ik doen enz.), beoordeling van digitale vaardigheden, hulp bij het zoeken naar werk of hulp om een zelfstandige activiteit op te starten, advies over het onderhandelen over arbeidsovereenkomsten enz.

Digitaal analfabeten krijgen een opleiding basis-ICT en aanvullende ondersteuning via digibanken, waar werknemers een laptop kunnen lenen, opleiding kunnen krijgen over het gebruik ervan en antwoorden kunnen krijgen op hun vragen op digitaal gebied. Webinars en andere online-instrumenten, zoals 123digit.be, zullen mensen die al over bepaalde digitale vaardigheden beschikken, helpen deze te verbeteren.

- Ondersteuning bij het zoeken naar werk en arbeidsbemiddeling: naast ondersteuning bij het zoeken naar een baan en hulp bij de voorbereiding op toekomstige sollicitaties, omvat deze maatregel het organiseren van evenementen voor het zoeken naar werk, zoals jobbeurzen, en jobscouting om mogelijke vacatures te vinden die geschikt zijn voor voormalige werknemers van Van Hool.

- Beroepskeuzebegeleiding: er worden diverse diensten voor beroepskeuzebegeleiding aangeboden om te voorzien in algemene begeleidingsbehoeften of tekortkomingen, zoals het ontbreken van een realistisch werkdoel, het niet voldoen aan de behoeften van de arbeidsmarkt of een beperkte kennis van het Nederlands.

- Opleiding, omscholing en beroepsopleiding: nadat individuele projecten met de beroepsconsulent zijn overeengekomen, zullen specifieke opleidingen op maat worden aangeboden. De werknemers zullen ook toegang hebben tot een breed scala aan opleidingen, waaronder opleidingen die worden aangeboden door de VDAB of andere aanbieders van opleidingen.

- Opleiding op de werkplek: werknemers krijgen een opleiding op de werkplek in de onderneming die hen na de opleiding in dienst zal nemen. Afhankelijk van de behoeften van de werknemer kan de opleiding tussen 4 en 26 weken duren. De opleiding wordt gevolgd door een arbeidsovereenkomst, hetzij voor onbepaalde tijd, hetzij voor bepaalde tijd, van ten minste dezelfde duur als de opleiding.

27. De ICT-opleiding en bijkomende steun waarin wordt voorzien in het kader van de outplacementdiensten zijn gericht op de verspreiding van de vaardigheden die vereist zijn in het digitale industriële tijdperk en in een hulpbronnenefficiënte economie, zoals bepaald in artikel 7, lid 2, van Verordening (EU) 2021/691.

28. De hier voorgestelde maatregelen zijn actieve arbeidsmarktbeleidsmaatregelen die behoren tot de in artikel 7 van Verordening (EU) 2021/691 vastgestelde voor een financiële bijdrage in aanmerking komende maatregelen. Deze maatregelen komen niet in de plaats van maatregelen die gericht zijn op passieve sociale bescherming.

29. Met betrekking tot de activiteiten die reeds zijn ondernomen om de ontslagen werknemers bij te staan, heeft België meegedeeld dat de wettelijke verplichting van de werkgever om outplacementdiensten te verlenen aan de ontslagen werknemers niet van toepassing is vanwege het faillissement van de onderneming. De steun aan de werknemers begon echter twee weken na de ontslagen, zoals beschreven in punt 20.

30. België heeft de nodige informatie verstrekt over maatregelen waartoe het betrokken bedrijf krachtens de nationale wetgeving of collectieve arbeidsovereenkomsten verplicht is. Overeenkomstig artikel 9, lid 1, van Verordening (EU) 2021/691 heeft België bevestigd dat een financiële bijdrage uit het EFG niet in de plaats komt van dergelijke maatregelen.

Geraamde begroting

31. De totale kosten worden op 9 410 607 EUR geraamd en omvatten de kosten voor gepersonaliseerde steunmaatregelen (9 034 607 EUR) en voor activiteiten op het vlak van voorbereiding, beheer, voorlichting, publiciteit, controle en rapportage (376 000 EUR).

32. Van het EFG wordt in totaal een financiële bijdrage van 7 999 015 EUR (85 % van de totale kosten) gevraagd.

33. Overeenkomstig artikel 8, lid 7, punt m), van Verordening (EU) 2021/691 heeft België gespecificeerd dat de nationale voorfinanciering en medefinanciering worden verstrekt door de VDAB.

MaatregelenGeraamd aantal deelnemersGeraamde kosten per deelnemer
(in EUR)17
Geraamde totale kosten
(in EUR)18
Gepersonaliseerde steunmaatregelen (maatregelen uit hoofde van artikel 7, lid 2, tweede alinea, punt a), van Verordening (EU) 2021/691)
Sociale interventieadviseur en inschrijving van werknemers

3.

(SIA, inschrijving bij VDAB)

2 39784200 741
Outplacement

4.

(Bemiddeling en begeleiding naar werk: outplacementbegeleiding SIF)

2 3971 2523 000 000
Ondersteuning bij het zoeken naar werk en arbeidsbemiddeling

5.

(Actieve bemiddeling en begeleiding naar werk, organisatie jobbeurs)

1 000937937 083
Beroepskeuzebegeleiding

6.

(Bemiddeling en begeleiding naar werk via tenderpartners)

1004 500450 000
Opleiding, omscholing en beroepsopleiding

7.

(Aanbod opleidingen in eigen beheer, aanbod erkende opleidingen bij partners, opleidingen i.k.v. SIF budget)

4509 8394 427 583
Opleiding op de werkplek

8.

(Opleiding in de onderneming (IBO))

2096019 200
Subtotaal (a):

9.

Percentage van het pakket van gepersonaliseerde steunmaatregelen

9 034 607
(100 %)
Activiteiten overeenkomstig artikel 7, lid 5, van Verordening (EU) 2021/691
1. Voorbereiding
50 000
2. Beheer
160 000
3. Voorlichting en publiciteit
8 000
4. Controle en rapportage
158 000
Subtotaal (b):

10.

Percentage van de totale kosten:

376 000
(4,00 %)
Totale kosten (a + b):9 410 607
EFG-bijdrage (85 % van de totale kosten)7 999 015

Periode waarbinnen de uitgaven voor financiering in aanmerking komen

34. België heeft de beoogde begunstigden met ingang van 22 april 2024 gepersonaliseerde steunmaatregelen verstrekt. De uitgaven voor de maatregelen komen derhalve vanaf 22 april 2024 tot 24 maanden na de datum van inwerkingtreding van het financieringsbesluit voor een financiële bijdrage uit het EFG in aanmerking.

35. Op 14 maart 2024 heeft België de eerste administratieve uitgaven gedaan met het oog op de uitvoering van het EFG. De uitgaven voor activiteiten op het vlak van voorbereiding, beheer, voorlichting en publiciteit en controle en rapportage zullen derhalve van 14 maart 2024 tot 31 maanden na de datum van inwerkingtreding van het financieringsbesluit voor een financiële bijdrage uit het EFG in aanmerking komen.

Beheers- en controlesystemen

36. De aanvraag bevat een beschrijving van het beheers- en controlesysteem zoals voorgeschreven in artikel 23 van Verordening (EU) 2021/691, waarin de verantwoordelijkheden van de betrokken instanties zijn vastgesteld. België heeft de Commissie ervan in kennis gesteld dat de financiële bijdrage door de VDAB zal worden beheerd. De betalingen worden verricht door de financiële dienst van de VDAB. Het departement Financiën en Begroting — Auditcel van de Vlaamse Auditautoriteit voor de Europese Structuurfondsen is de auditautoriteit voor het EFG.

Toezeggingen door de betrokken lidstaat

11.

37. België heeft op de volgende punten de nodige garanties geboden:


- bij de toegang tot de voorgestelde maatregelen en de uitvoering ervan zullen de beginselen van gelijke behandeling en non-discriminatie worden gerespecteerd;

- er is voldaan aan de voorschriften van de nationale en EU-wetgeving betreffende collectieve ontslagen;

- dubbele financiering wordt voorkomen;

- de financiële bijdrage uit het EFG zal voldoen aan de procedurele en materiële EU-regels inzake overheidssteun.

GEVOLGEN VOOR DE BEGROTING

Begrotingsvoorstel

38. Overeenkomstig artikel 8 van Verordening (EU, Euratom) 2020/2093 van de Raad van 17 december 2020 tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2021-202719, gewijzigd bij Verordening (EU, Euratom) 2024/765 van de Raad van 29 februari 202420, mag het EFG het jaarlijks maximumbedrag van 30 miljoen EUR (in prijzen van 2018) niet overschrijden.

39. Na te hebben onderzocht of de aanvraag voldoet aan de voorwaarden van artikel 13, leden 1 en 2, van Verordening (EU) 2021/691, en rekening houdend met het aantal beoogde begunstigden, de voorgestelde maatregelen en de geraamde kosten, stelt de Commissie voor om uit het EFG een bedrag van 7 999 015 EUR beschikbaar te stellen — hetgeen overeenkomt met 85 % van de totale kosten van de voorgestelde maatregelen — teneinde een financiële bijdrage toe te kennen in het kader van de aanvraag.

40. Overeenkomstig artikel 15, lid 1, eerste alinea, tweede zin, van Verordening (EU) 2021/691 en zoals voorgeschreven in punt 9 van het Interinstitutioneel Akkoord van 16 december 2020 tussen het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie betreffende de begrotingsdiscipline, de samenwerking in begrotingszaken en een goed financieel beheer, alsmede betreffende nieuwe eigen middelen, met inbegrip van een routekaart voor de invoering van nieuwe eigen middelen21, zal het voorgestelde besluit om middelen uit het EFG beschikbaar te stellen gezamenlijk door het Europees Parlement en de Raad worden genomen.

Met dit besluit samenhangende handelingen

41. Tegelijk met dit voorstel voor een besluit om middelen uit het EFG beschikbaar te stellen, dient de Commissie bij het Europees Parlement en de Raad een voorstel in om 7 999 015 EUR naar het desbetreffende begrotingsonderdeel over te schrijven.

42. Tegelijk met dit voorstel voor een besluit om middelen uit het EFG beschikbaar te stellen, heeft de Commissie ook een besluit over een financiële bijdrage vastgesteld dat een financieringsbesluit is in de zin van artikel 110 van Verordening (EU, Euratom) 2024/250922. Dat financieringsbesluit treedt overeenkomstig artikel 15, lid 2, eerste alinea, van Verordening (EU) 2021/691 in werking op de datum waarop het Europees Parlement en de Raad de Commissie in kennis stellen van de goedkeuring van de begrotingsoverschrijving.