Overwegingen bij COM(2024)594 - Gedeeltelijke opschorting van de Overeenkomst met Georgië inzake de versoepeling van de afgifte van visa - Hoofdinhoud
Dit is een beperkte versie
U kijkt naar een beperkte versie van dit dossier in de EU Monitor.
dossier | COM(2024)594 - Gedeeltelijke opschorting van de Overeenkomst met Georgië inzake de versoepeling van de afgifte van visa. |
---|---|
document | COM(2024)594 |
datum | 27 januari 2025 |
(2) De visumversoepelingsovereenkomst heeft tot doel om op basis van wederkerigheid de afgifte van visa voor een voorgenomen verblijf van ten hoogste 90 dagen per periode van 180 dagen aan burgers van de Unie en Georgië te versoepelen. De visumversoepelingsovereenkomst bevordert de contacten tussen mensen en gemeenschappelijke waarden, zoals eerbiediging van de mensenrechten en democratische beginselen.
(3) Overeenkomstig artikel 14, lid 5, van de visumversoepelingsovereenkomst kan elk van beide partijen de visumversoepelingsovereenkomst geheel of gedeeltelijk opschorten in verband met de openbare orde, de bescherming van de nationale veiligheid of de bescherming van de volksgezondheid. Het besluit tot opschorting moet uiterlijk 48 uur vóór de inwerkingtreding ervan worden meegedeeld aan de andere partij. De partij die de toepassing van de overeenkomst heeft opgeschort, stelt de andere partij onverwijld in kennis van het feit dat de redenen voor de opschorting zijn vervallen zodra dit het geval is.
(4) In 2024 werden in Georgië de wet inzake transparantie van buitenlandse invloed en het wetgevingspakket inzake gezinswaarden en de bescherming van minderjarigen aangenomen. Deze wetgeving ondermijnt de grondrechten van de Georgische bevolking, met inbegrip van de vrijheid van vereniging en meningsuiting, het recht op privacy, het recht om deel te nemen aan openbare aangelegenheden en zij werkt stigmatisering en discriminatie in de hand.
(5) De Europese Raad onderstreepte in zijn conclusies van 27 juni 2024 dat de wet inzake transparantie van buitenlandse invloed een achteruitgang inhoudt ten aanzien van de stappen in de aanbeveling van de Commissie voor de status van kandidaat-lidstaat, en riep de Georgische autoriteiten op hun intenties te verduidelijken en deze gang van zaken die de weg van Georgië naar de Europese Unie in gevaar brengt, en feitelijk leidt tot een stopzetting van het toetredingsproces, ongedaan te maken. In zijn conclusies van 17 oktober 2024 bevestigde de Europese Raad opnieuw dat een dergelijke aanpak het Europese traject van Georgië in gevaar brengt en het toetredingsproces de facto stopzet, en riep hij Georgië op democratische, alomvattende en duurzame hervormingen door te voeren, in overeenstemming met de kernbeginselen van de Europese integratie.
(6) Op 28 november 2024 kondigden de Georgische autoriteiten aan dat zij voornemens waren pas vanaf 2028 toetredingsonderhandelingen met de Europese Unie te openen. Deze aankondiging leidde tot massale protesten in talrijke Georgische steden, waarop de Georgische autoriteiten reageerden met buitensporig geweld en gewelddadige methoden, alsook met willekeurige arrestaties en mishandeling van demonstranten, politici en journalisten.
(7) De door Georgië ondernomen acties zijn in strijd met de grondbeginselen op basis waarvan de visumversoepelingsovereenkomst werd gesloten, en druisen in tegen de belangen van de Unie en haar lidstaten. Deze acties eerbiedigen met name de mensenrechten en de democratische beginselen niet en zijn derhalve in strijd met de waarden van de Unie en belemmeren de gestage ontwikkeling van economische, humanitaire, culturele, wetenschappelijke en andere banden tussen de Unie en Georgië.
(8) Tegen deze achtergrond werd in het zevende verslag van de Commissie in het kader van het opschortingsmechanisme voor de vrijstelling van de visumplicht10 gewezen op de stappen die Georgië dringend moet ondernemen om de bezwaren van de Commissie weg te nemen, en werd opgemerkt dat er momenteel wordt nagedacht over de mogelijke activering van het opschortingsmechanisme voor bepaalde categorieën personen.
(9) Ter bescherming van de openbare orde van de lidstaten en van de Unie is het passend en evenredig dat de lidstaten een visum eisen van Georgische burgers die houder zijn van een geldig diplomatiek paspoort en naar de Europese Unie reizen, aangezien deze personen belangen vertegenwoordigen die in strijd zijn met de belangen die de Unie ertoe hebben gebracht de visumversoepelingsovereenkomst te sluiten. De toepassing van een aantal bepalingen van de visumversoepelingsovereenkomst die voorzien in vrijstellingen voor burgers van Georgië die in het bezit zijn van een geldig diplomatiek paspoort, en in versoepelingen voor bepaalde categorieën burgers van Georgië die een visum voor kort verblijf aanvragen, namelijk leden van Georgische officiële delegaties, leden van nationale en regionale regeringen en parlementen van Georgië, van het Grondwettelijk Hof en het Hooggerechtshof van Georgië, in de uitoefening van hun functie, moet derhalve worden opgeschort.
(10) Dit besluit vormt een ontwikkeling van de bepalingen van het Schengenacquis waaraan Ierland niet deelneemt, overeenkomstig Besluit 2002/192/EG van de Raad11. Ierland neemt derhalve niet deel aan de vaststelling van dit besluit en dit is niet bindend voor, noch van toepassing op Ierland.
(11) Overeenkomstig de artikelen 1 en 2 van Protocol nr. 22 betreffende de positie van Denemarken, gehecht aan het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, neemt Denemarken niet deel aan de vaststelling van dit besluit en is het besluit niet bindend voor, noch van toepassing op deze lidstaat.
(12) Gezien de ernst van de situatie in Georgië dient dit besluit zo spoedig mogelijk in werking te treden.