Overwegingen bij COM(2025)129 - Standpunt EU tijdens de tweede zitting van de Toezichthoudende Autoriteit, opgericht krachtens artikel XII van het Protocol van Luxemburg bij het Verdrag inzake internationale zekerheden op mobiel materieel betreffende voor rijdend spoorwegmaterieel specifieke aangelegenheden

Dit is een beperkte versie

U kijkt naar een beperkte versie van dit dossier in de EU Monitor.

 
 
(1) De Unie heeft haar goedkeuring gehecht aan het Protocol bij het Verdrag inzake internationale zekerheden op mobiel materieel betreffende voor rijdend spoorwegmaterieel specifieke aangelegenheden (het Verdrag van Kaapstad), dat is vastgesteld in Luxemburg op 23 februari 2007 (het Protocol van Luxemburg), overeenkomstig Besluit 2014/888/EU van de Raad van 4 december 20141, en heeft krachtens dat protocol de status van regionale organisatie voor economische integratie verworven.

(2) Naar verwachting zal de Toezichthoudende Autoriteit van het Protocol van Luxemburg tijdens haar tweede zitting op 23 april 2025 onder meer haar statuten en procedureregels herzien en haar goedkeuring hechten aan de geactualiseerde modelvoorschriften (herziening 2) inzake de permanente identificatie van rijdend spoorwegmaterieel, die zijn ontwikkeld in het kader van het Comité voor binnenlands vervoer van de Economische Commissie van de Verenigde Naties voor Europa.

(3) Het is passend het standpunt te bepalen dat namens de Unie moet worden ingenomen in de Toezichthoudende Autoriteit, aangezien de vaststelling door de Toezichthoudende Autoriteit van de herziening van de modelvoorschriften een beslissende invloed kan hebben op de inhoud van EU-wetgeving, namelijk Richtlijn (EU) 2016/797 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2016 betreffende de interoperabiliteit van het spoorwegsysteem in de Europese Unie2, Uitvoeringsverordening (EU) 2019/773 van de Commissie van 16 mei 2019 betreffende de technische specificaties inzake interoperabiliteit van het subsysteem exploitatie en verkeersleiding van het spoorwegsysteem in de Europese Unie3 en Uitvoeringsbesluit (EU) 2018/1614 van de Commissie van 25 oktober 2018 tot vaststelling van specificaties voor de voertuigregisters die zijn vermeld in artikel 47 van Richtlijn (EU) 2016/797 van het Europees Parlement en de Raad4. Voorts kunnen de wijzigingen van de statuten en procedureregels die door de Toezichthoudende Autoriteit worden vastgesteld beslissende invloed hebben op de deelname van de Unie aan dat lichaam.

(4) De Toezichthoudende Autoriteit zal naar verwachting haar statuten wijzigen, waarin aspecten zoals de rechtspersoonlijkheid, de taken en het administratieve kader van de Toezichthoudende Autoriteit zijn vastgesteld, zoals vereist door het Verdrag van Kaapstad en het Protocol van Luxemburg. De beoogde wijzigingen van de statuten verduidelijken een belangrijk element met betrekking tot de definitie van een staat die partij is, door te verduidelijken dat elke verwijzing naar een staat die partij is in de statuten ook een verwijzing is naar een regionale organisatie, wat invloed heeft op de deelname van de Unie aan dat lichaam, en moeten daarom worden gesteund.

(5) De Toezichthoudende Autoriteit zal naar verwachting haar procedureregels wijzigen om de regels voor de uitoefening van stemming met gekwalificeerde meerderheid te verduidelijken en nieuwe regels in te voeren voor de organisatie van tussentijdse spoedvergaderingen. De mogelijkheid om documenten voor spoedvergaderingen slechts drie weken vóór de opening van de vergadering te verspreiden, kan echter aanzienlijke problemen opleveren voor de procedure om de standpunten van de Unie te coördineren, en de opstelling van een lijst van dringende aangelegenheden kan automatisch een dringend karakter geven aan bepaalde aangelegenheden die in de praktijk niet dringend zijn. Daarom moeten de wijzigingen van de procedureregels van de Toezichthoudende Autoriteit worden gesteund, maar de wijziging van de termijnen voor de indiening van de documenten voor de vergadering moet worden verworpen en de aangelegenheden die als dringend kunnen worden aangemerkt, moeten niet worden gespecificeerd, om ervoor te zorgen dat de Unie standpunten over aangelegenheden die voor haar van belang zijn doeltreffend kan coördineren.

(6) Het Protocol van Luxemburg moet gebaseerd zijn op een duidelijk identificatie- en markeringssysteem voor rijdend spoorwegmaterieel op basis van internationale normen. De modelvoorschriften voor de permanente identificatie van rijdend spoorwegmaterieel bieden een kader voor de toekenning van de Urvis-identificatiecode en de markering ervan op rijdend spoorwegmaterieel. De voorgestelde actualiseringen van die regels zijn klein en in het belang van de uitvoering van het Protocol van Luxemburg. Daarom moet de goedkeuring van de modelvoorschriften zoals gewijzigd op 13 november 2024 (herziening 2) voor de doeleinden van het reglement voor het Internationale Register van zekerheden op rollend materieel worden gesteund.