Overwegingen bij COM(2025)135 - Standpunt EU in het bij het Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de EU en Euratom ingestelde Gemengd Comité wat betreft de overeenkomstig artikel 23, lid 5, punt a), van Besluit nr. 1/2023 van het Gemengd Comité af te geven verklaring - Hoofdinhoud
Dit is een beperkte versie
U kijkt naar een beperkte versie van dit dossier in de EU Monitor.
dossier | COM(2025)135 - Standpunt EU in het bij het Akkoord inzake de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de EU en Euratom ingestelde ... |
---|---|
document | COM(2025)135 |
datum | 21 maart 2025 |
(2) Overeenkomstig artikel 182 van het terugtrekkingsakkoord maakt het Windsor-kader9 integrerend deel uit van dat akkoord.
(3) Overeenkomstig artikel 23, lid 5, van Besluit nr. 1/2023 van het bij het terugtrekkingsakkoord van 24 maart 2023 ingestelde Gemengd Comité tot vaststelling van regelingen met betrekking tot het Windsor-kader10 (“Besluit nr. 1/2023”) zijn artikel 7, lid 1, punt a), iii), artikel 13 en artikel 15, lid 3, van Besluit nr. 1/2023 van toepassing met ingang van de eerste dag van de maand volgende op die waarin de laatste van de in artikel 23, lid 5, punten a) en b), bedoelde verklaringen die respectievelijk door de Unie en het Verenigd Koninkrijk moeten worden afgegeven, in het Gemengd Comité is afgegeven.
(4) Vanaf de eerste dag van de maand volgende op die waarin de laatste van de in de vorige overweging bedoelde verklaringen in het Gemengd Comité is afgegeven, zullen de vereenvoudigde douaneformaliteiten van Gedelegeerde Verordening (EU) 2023/1128 van de Commissie van 24 maart 2023 tot wijziging van Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2446 van toepassing worden.
(5) Overeenkomstig artikel 23, lid 5, punt a), van Besluit nr. 1/2023 moet de Unie in het Gemengd Comité een verklaring afgeven waarin zij bevestigt dat het Verenigd Koninkrijk de netwerken, informatiesystemen en databanken heeft opgezet met betrekking tot de in artikel 141, lid 1, punt d), vii), van Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2446 van de Commissie11 bedoelde gegevens die aan de bevoegde autoriteit van het Verenigd Koninkrijk moeten worden verstrekt, en waarin zij bevestigt dat het Verenigd Koninkrijk uitvoering geeft aan artikel 5 van Besluit nr. 6/2020 van het Gemengd Comité12 door toegang te verlenen tot informatie in deze netwerken, informatiesystemen en databanken.
(6) In april 2024 heeft het Verenigd Koninkrijk een systeem (“systeem”) opgezet om bij de vergunninghoudende vervoerders de desbetreffende gegevens te verzamelen voor B2C-pakketten (“Business to Consumer”) die zij vanuit een ander deel van het Verenigd Koninkrijk naar Noord-Ierland verzenden. Sindsdien is het systeem ontwikkeld en is het door de in het kader van de UK Carrier Scheme geregistreerde exploitanten tijdens de testfase op vrijwillige basis gebruikt om gegevens te delen over B2C-pakketten die vanuit een bedrijf in het Verenigd Koninkrijk (met uitzondering van Noord-Ierland) worden verzonden naar een in Noord-Ierland verblijvende particulier. De gegevens die in het systeem worden verstrekt door de vergunninghoudende vervoerders die in het kader van de UK Carrier Scheme zijn geregistreerd, zijn de gegevens waarin bijlage 52-03 bij Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2446 van de Commissie voorziet.
(7) Ten behoeve van de uitvoering van artikel 5 van Besluit nr. 6/2020 met betrekking tot het systeem heeft het Verenigd Koninkrijk er in zijn rechtsstelsel voor gezorgd dat de desbetreffende ambtenaren van de Europese Commissie, met inbegrip van de in artikel 12, lid 2, van het Windsor-kader bedoelde vertegenwoordigers van de Unie, toegang krijgen tot de informatie die in het systeem is opgenomen door de in het kader van de UK Carrier Scheme geregistreerde exploitanten. De ambtenaren van de Commissie hebben de werking van het systeem en de tot dusver ingediende gegevens getest. Uit de resultaten van de testfase blijkt dat het systeem voldoet aan de vereiste technische parameters.
(8) Het is passend het standpunt te bepalen dat namens de Unie moet worden ingenomen in het Gemengd Comité,